Je ontwerp klopt perfect. Waarom ziet je print er anders uit?
Logo Lab9

Lab9 Pro helpt je je processen te automatiseren, van DTP tot afwerking van het drukwerk. 

Krachtige hardware, gespecialiseerde software én een IT-partner waar je op kan bouwen.

Voor een duurzaam digitaliseringstraject waar leerlingen, leerkrachten en ouders achter staan. 

Voor een duurzaam digitaliseringstraject waar leerlingen, leerkrachten en ouders achter staan. 

Jouw creativiteit kent geen grenzen. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Lab9 Pro helpt je je processen te automatiseren, van DTP tot afwerking van het drukwerk. 

Krachtige hardware, gespecialiseerde software én een IT-partner waar je op kan bouwen.

Voor een duurzaam digitaliseringstraject waar leerlingen, leerkrachten en ouders achter staan. 

Voor een duurzaam digitaliseringstraject waar leerlingen, leerkrachten en ouders achter staan. 

Jouw creativiteit kent geen grenzen. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Dropdown partnerships

Specifieke sectoren:

Lab9 Pro helpt je je processen te automatiseren, van DTP tot afwerking van het drukwerk. 

Jouw creativiteit kent geen grenzen. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Krachtige hardware, gespecialiseerde software én een IT-partner waar je op kan bouwen.

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Voor een duurzaam digitaliseringstraject waar leerlingen, leerkrachten en ouders achter staan. 

Lab9 Academy is hét opleidingscentrum voor creatieve professionals. 

Dropdown partnerships

Blog - Bedrijven

18 Maart 2026

Je ontwerp klopt perfect. Waarom ziet je print er anders uit?

Blog_Lab9 Pro_Color Management-SQ

In de grafische sector lijkt kleur vanzelfsprekend. Ontwerpers besteden vaak uren aan het verfijnen van een ontwerp. Kleuren worden zorgvuldig gekozen, het logo van de klant moet exact kloppen en productfoto’s moeten zo realistisch mogelijk worden weergegeven.

Waarom kleur zonder controle nooit consistent wordt in de grafische workflow

 

Op het scherm ziet alles er perfect uit. De klant geeft zijn goedkeuring en de bestanden gaan naar productie. Het eindresultaat zou er dus identiek moeten uitzien. Maar in de praktijk loopt het vaak anders. Even later ligt de eerste print op tafel, en dan ontstaat er twijfel. Een blauwe tint lijkt net iets te paars. Huidtinten ogen minder warm dan verwacht of het logo van de klant voelt visueel net niet helemaal juist aan.

 

Iedereen in de grafische sector heeft dit scenario wel eens meegemaakt. Vaak wordt de oorzaak gezocht in het bestand, de printer of het gebruikte materiaal. In werkelijkheid ligt het probleem meestal dieper in het productieproces. In veel gevallen gaat het om een gebrek aan controle over één essentieel proces: color management.

 

Waarom kleurproblemen zelden één duidelijke oorzaak hebben

Veel professionals gaan ervan uit dat moderne apparatuur kleuren automatisch correct weergeeft. Nieuwe printers, krachtige RIP-software en hoogwaardige monitoren lijken alles onder controle te hebben.

 

RGB iconCMYK icon

In werkelijkheid doorloopt kleur in een grafische workflow verschillende stappen voordat ze uiteindelijk op papier, vinyl of verpakking terechtkomt. Zonder een duidelijke referentie interpreteert elke stap kleur op zijn eigen manier.

Digitale kleuren bestaan bovendien uit cijfers. RGB- of CMYK-waarden beschrijven hoe een kleur wordt opgebouwd, maar die cijfers betekenen weinig zonder context. Een RGB-kleur kan volledig anders worden weergegeven op twee verschillende schermen. Op dezelfde manier kan een CMYK-kleur sterk variëren afhankelijk van het materiaal waarop wordt geprint, zoals:

  • ongestreken papier
  • vinyl
  • textiel
  • verpakkingsmaterialen

Daarnaast doorloopt kleur verschillende stappen in het productieproces, waarbij elk onderdeel kleur op zijn eigen manier interpreteert:

  • Het menselijk oog: uiteindelijk wordt elke kleur beoordeeld door een mens. Onze ogen en hersenen interpreteren kleur op basis van licht, contrast en context. Die perceptie vormt het vertrekpunt voor color management.
  • Camera’s of scanners: een foto wordt gemaakt of aangeleverd. Het toestel registreert licht en vertaalt dit naar digitale kleurinformatie.
  • Monitoren: een ontwerper beoordeelt kleuren op het scherm. De manier waarop een monitor kleuren weergeeft bepaalt hoe een ontwerp visueel wordt geïnterpreteerd.
  • Ontwerpsoftware: kleuren worden verwerkt en voorbereid voor productie. Software vertaalt kleurinformatie naar specifieke kleurruimtes.
  • RIP-systemen: software zet kleurinformatie om naar een concreet drukproces en stuurt printers aan.
  • Printers: de printer reproduceert kleuren op het gekozen materiaal, waarbij inkten, media en instellingen het uiteindelijke resultaat beïnvloeden.
  • Verlichting: uiteindelijk bepaalt ook de lichtbron hoe een kleur wordt waargenomen door het menselijk oog.

Wanneer deze schakels niet goed op elkaar afgestemd zijn, ontstaan er kleine kleurverschillen. Op zichzelf lijken die afwijkingen minimaal, maar doorheen de workflow stapelen ze zich op. Het resultaat is een eindproduct dat niet volledig overeenkomt met de verwachtingen.

 

Color management zorgt ervoor dat al deze elementen met dezelfde kleurreferentie werken, zodat kleur niet langer een interpretatie is, maar een gecontroleerd en reproduceerbaar proces.

 

De realiteit vandaag: hybride workflows en hogere verwachtingen

Color management is vandaag complexer dan ooit. Waar vroeger vaak één drukproces werd gebruikt, zien we nu hybride workflows waarin verschillende technologieën gecombineerd worden.

 

Drukwerk wordt geproduceerd op digitale printers, offsetpersen en grootformaat systemen. Elk met eigen inkten, substraten en karakteristieken. Toch verwachten klanten een identiek eindresultaat. Een logo mag er niet anders uitzien op een verpakking, een mailing of een banner.

 

Door die diversiteit wint ook het principe van late binding aan belang. Hierbij wordt kleurconversie zo lang mogelijk uitgesteld in de workflow, zodat pas op het laatste moment wordt bepaald hoe kleur naar een specifiek outputproces vertaald wordt. Dit verhoogt de flexibiliteit, maar maakt color management tegelijk nog kritischer.

 

Color management is geen software, maar een systeem

Color management wordt soms gezien als een functie in een RIP of ontwerpsoftware. In werkelijkheid gaat het om een geheel van processen en technologieën die samenwerken om kleur voorspelbaar en reproduceerbaar te maken. Een stabiele color management workflow bestaat uit verschillende bouwstenen die samen zorgen voor een betrouwbare kleurreproductie, van kleurperceptie en kleurmeting tot kalibratie en gestandaardiseerde workflows.

 

De rol van het menselijk oog

Color management draait niet alleen om technologie, maar ook om hoe mensen kleur waarnemen. Het menselijk oog en onze hersenen interpreteren kleur namelijk op een complexe manier, en die waarneming is niet voor iedereen identiek.

In het netvlies van het oog bevinden zich twee soorten lichtgevoelige cellen: staafjes en kegeltjes. Staafjes zijn vooral gevoelig voor licht en donker en spelen een belangrijke rol bij zicht in schemerlicht. Ze helpen ons contrast en beweging waar te nemen, maar dragen nauwelijks bij aan kleurwaarneming.

Staafjes en kegeltjes in het menselijk oog

 

Kleur wordt bepaald door de kegeltjes. Mensen beschikken normaal over drie types kegeltjes die gevoelig zijn voor verschillende delen van het lichtspectrum: rood, groen en blauw. Door de combinatie van signalen van deze drie types kunnen onze hersenen een groot aantal kleuren onderscheiden.

 

Toch is die waarneming niet voor iedereen hetzelfde. Kleine verschillen in gevoeligheid tussen personen kunnen ervoor zorgen dat dezelfde kleur door twee mensen net iets anders wordt geïnterpreteerd. Daarnaast komt kleurenblindheid relatief vaak voor. Vooral afwijkingen in het rood-groen spectrum zijn bekend, waardoor bepaalde kleurverschillen minder goed zichtbaar zijn.

 

Uiteindelijk wordt elke kleur beoordeeld door het menselijk oog. Color management probeert die menselijke waarneming daarom zo nauwkeurig mogelijk te vertalen naar een reproduceerbaar technisch proces.

 

CIE en de LAB-kleurruimte: de referentie

Omdat menselijke kleurwaarneming dus variabel en subjectief kan zijn, werd gezocht naar manieren om kleur objectief te beschrijven en te meten. Dat leidde tot een internationaal onderzoek door de CIE (Commission Internationale de l’Éclairage), waaruit verschillende kleurmodellen voortkwamen die gebaseerd zijn op menselijke kleurperceptie. Eén van de belangrijkste modellen is de CIE LAB-kleurruimte.

 

In dit systeem wordt kleur beschreven aan de hand van drie componenten:

LAB icon

  • L – lichtheid
  • a – positie tussen groen en magenta
  • b – positie tussen blauw en geel

Omdat deze kleurruimte gebaseerd is op menselijke perceptie, kan men er ook nauwkeurig kleurverschillen mee meten. Dat gebeurt via Delta E, een waarde die aangeeft hoe groot het verschil tussen twee kleuren werkelijk is.

 

Daarnaast vormt CIE LAB ook de rekenbasis voor color management. Software gebruikt deze referentieruimte om kleurtransformaties uit te voeren, bijvoorbeeld bij het omzetten van kleurruimte A naar kleurruimte B, of om van een originele kleur naar een gecorrigeerde weergave te gaan.

 

Veel color management workflows en kwaliteitscontrolesystemen gebruiken deze LAB-referentie om kleurverschillen objectief te analyseren en consistente resultaten te garanderen.

 

ICC-profielen: de vertaling tussen apparaten

Om kleurinformatie tussen verschillende apparaten te kunnen uitwisselen, werd het ICC-profielsysteem ontwikkeld. ICC-profielen vormen de basis van color management. Ze beschrijven hoe een specifiek apparaat kleuren reproduceert en maken het mogelijk om kleurinformatie consistent te vertalen tussen bijvoorbeeld een monitor, software en printer.

 

Zonder ICC-profielen zou elk toestel kleur op zijn eigen manier interpreteren, zonder rekening te houden met hoe andere apparaten diezelfde kleur weergeven. Dat leidt onvermijdelijk tot verschillen tussen wat je op het scherm ziet en wat uiteindelijk wordt geproduceerd.

 

Om die vertaling betrouwbaar te maken, maken ICC-profielen gebruik van een gestandaardiseerde referentieruimte: CIE LAB. In plaats van kleuren rechtstreeks van toestel A naar toestel B om te zetten, gebeurt de omzetting in twee stappen: eerst van het bronapparaat naar LAB, en vervolgens van LAB naar het doelapparaat.

 

Zo wordt een kleur van een monitor bijvoorbeeld eerst omgerekend naar LAB en daarna vertaald naar de kleurruimte van een printer. Omdat LAB gebaseerd is op menselijke kleurwaarneming, zorgt deze tussenstap ervoor dat kleurtransformaties zo visueel correct en consistent mogelijk gebeuren.

 

Gamut: de fysieke grenzen van kleurweergave

Niet elk toestel kan elke kleur weergeven. Het gamut bepaalt het bereik van reproduceerbare kleuren. Een monitor kan bijvoorbeeld meer kleuren tonen dan een printer kan drukken. Color management zorgt ervoor dat kleuren zo goed mogelijk worden aangepast binnen die beperkingen.

 

Vooral bij huisstijlkleuren en spot colors is dit cruciaal. Deze kleuren vallen vaak buiten standaard kleurruimtes en moeten nauwkeurig vertaald worden naar verschillende outputprocessen.

 

Kleurruimte, ICC-profielen en gamut: wat is het verschil nu?

In color management worden verschillende begrippen vaak door elkaar gebruikt, terwijl ze elk een andere rol hebben in het proces:

  • Kleurruimte (zoals sRGB, Adobe RGB of CMYK)
    Beschrijft hoe kleuren numeriek worden vastgelegd. Het is een soort afsprakenkader dat bepaalt welke kleuren mogelijk zijn binnen een systeem.
  • ICC-profiel
    Beschrijft hoe een specifiek apparaat (monitor, printer, scanner) die kleuren effectief weergeeft. Het profiel vertaalt dus theorie naar realiteit.
  • CIE LAB
    Is een apparaat-onafhankelijke kleurruimte die gebaseerd is op menselijke kleurwaarneming. Ze fungeert als neutrale referentie waarin kleuren worden omgerekend tussen apparaten en vormt de verbindende schakel in color management.
  • Gamut
    Het effectieve bereik aan kleuren dat een toestel kan weergeven. Dit is een fysieke beperking van het apparaat.

 

Waarom dit verschil belangrijk is in de praktijk

ICC-profielen gebruiken CIE LAB als tussenstap om kleuren correct te vertalen tussen apparaten. Daardoor kan eenzelfde kleur zo consistent mogelijk worden weergegeven, zelfs wanneer toestellen onderling sterk verschillen.

 

Toch zijn er grenzen. Het gamut van een toestel bepaalt welke kleuren effectief reproduceerbaar zijn. Een monitor kan bijvoorbeeld een groter kleurengamma tonen dan een printer op papier.

 

Color management zorgt er in dat geval voor dat kleuren zo goed mogelijk worden aangepast binnen die beperkingen, zodat het visuele verschil zo klein mogelijk blijft.

 

Kleuren meten: van perceptie naar objectiviteit

Hoewel het menselijk oog uiteindelijk kleur beoordeelt, kan men in productieprocessen niet uitsluitend op visuele beoordeling vertrouwen. Daarom worden kleuren gemeten.

Spectrofotometers van fabrikanten zoals X-Rite en Techkon analyseren hoe een oppervlak licht reflecteert over verschillende golflengtes. Spectrofotometers meten kleuren spectraal en vertalen deze metingen naar LAB-waarden.

Daardoor kunnen color management systemen kleurverschillen objectief analyseren en controleren. Op basis van deze metingen worden printerprofielen opgebouwd die beschrijven hoe kleuren vertaald moeten worden naar een specifieke printer en een specifiek materiaal.

Spectrofotometer

 

Normlicht

Zelfs wanneer kleur correct gemeten en vertaald wordt, blijft één factor bepalend voor de uiteindelijke beoordeling: licht.

 

Een print die er perfect uitziet onder daglicht kan er compleet anders uitzien onder winkelverlichting of kantoorlicht. Dit verschijnsel staat bekend als metamerie. Dat komt doordat verschillende lichtbronnen kleuren anders laten verschijnen. Zonder gecontroleerde lichtomstandigheden wordt kleurbeoordeling al snel subjectief.

 

Om dat probleem te vermijden, werkt de grafische sector met gestandaardiseerd normlicht. De meest gebruikte referentie is D50-verlichting, een lichtbron met een kleurtemperatuur van ongeveer 5000 Kelvin die neutraal daglicht simuleert.

 

In professionele workflows worden drukproeven daarom vaak beoordeeld in speciale normlichtcabines, zoals bijvoorbeeld die van JUST Normlicht. Door kleur onder gestandaardiseerde lichtomstandigheden te beoordelen, kan men objectiever bepalen hoe een kleur werkelijk wordt waargenomen door het menselijk oog.

 

Monitor kalibratie

Veel kleurbeslissingen worden genomen op het scherm van een ontwerper of prepress operator. Dat scherm bepaalt hoe kleuren geïnterpreteerd worden voordat een bestand ooit naar print gaat. Wanneer een monitor niet correct gekalibreerd is, vertrekken alle keuzes al van een fout uitgangspunt.

 

Kalibratie betekent het ijken van een toestel naar een gestandaardiseerde referentie. Bij een monitor gaat het om parameters zoals helderheid, witpunt en kleurweergave, zodat het scherm voorspelbaar en consistent gedrag vertoont.

 

Daarom werken grafische professionals vaak met kleurkritische monitoren die hardwarematig gekalibreerd kunnen worden. Monitoren uit de Eizo ColorEdge-reeks zijn ontwikkeld voor kleurgevoelige workflows en laten toe om schermen zeer nauwkeurig te kalibreren. Bepaalde modellen in deze reeks hebben zelfs een ingebouwde kleurenmeter.

 

In professionele workflows worden deze schermen regelmatig opnieuw gekalibreerd met meetapparatuur zodat ze een betrouwbare kleurreferentie blijven. Wanneer een ontwerper een kleur beoordeelt op een correct gekalibreerde monitor, is de kans veel groter dat deze ook correct vertaald kan worden naar print.

 

Printer kalibratie en profiling

Printers reageren anders afhankelijk van inkten, materialen en instellingen. Daarom moet elke printer afzonderlijk worden gekalibreerd en geprofileerd.

 

Kalibratie betekent ook hier het ijken van de printer naar een stabiele en voorspelbare basis. Denk bijvoorbeeld aan het correct instellen van inktopbouw, linearisatie en balans, zodat de printer telkens op dezelfde manier reageert. Het doel van kalibratie is dus niet om kleuren “juist” te maken, maar om ze consistent en herhaalbaar te maken.

 

Daarna volgt profilering. Door testprints te meten met een spectrofotometer kan men exact bepalen hoe een printer kleuren reproduceert. Op basis van deze metingen worden printerprofielen opgebouwd die beschrijven hoe kleuren moeten worden vertaald naar een specifieke printer en materiaalcombinatie.

 

Het verschil is belangrijk: kalibratie zorgt voor een stabiele en herhaalbare basis, terwijl profilering beschrijft hoe die printer kleur weergeeft. Een eenvoudige vergelijking maakt dit duidelijk: kalibratie is te vergelijken met het correct instellen van de bandenspanning van een auto zodat die stabiel rijdt. Profilering is vervolgens weten hoe de wagen reageert op de weg, zodat je correct kan sturen en anticiperen.

 

Samen zorgen ze ervoor dat kleurresultaten voorspelbaar worden en consistent blijven over verschillende producties.

 

Softproofing: voorspellen voor je print

Softproofing maakt het mogelijk om op een gekalibreerde monitor te simuleren hoe een print eruit zal zien. Hierdoor kunnen afwijkingen al vóór productie opgespoord worden, wat tijd en kosten bespaart.

 

Preflight: fouten detecteren voor productie

Een cruciale stap die vaak onderschat wordt, is preflight. Tools zoals Enfocus PitStop controleren PDF-bestanden vóór productie op fouten zoals:

  • ontbrekende ICC-profielen
  • verkeerde kleurruimtes
  • foutieve overdrukinstellingen

Zo worden problemen opgelost vóór ze zichtbaar worden in print.

 

Consistente workflows

Wanneer monitoren gekalibreerd zijn, printers geprofileerd worden en drukwerk onder normlicht wordt beoordeeld, blijft er nog één belangrijke vraag over: hoe zorg je ervoor dat al die elementen consistent blijven samenwerken?

 

Daar komt gespecialiseerde color management software in beeld. In veel grafische workflows wordt software ingezet om kleurinformatie centraal te beheren en te vertalen tussen verschillende apparaten en processen.

 

Oplossingen zoals GMG en Alwan helpen grafische bedrijven om kleurprocessen te standaardiseren en te automatiseren. Ze maken het mogelijk om drukresultaten nauwkeurig te simuleren, kleurconsistentie te behouden over verschillende printers en internationale drukstandaarden te volgen.

 

Door die automatisering kan een bedrijf kleur niet alleen controleren, maar ook reproduceerbaar maken. Duidelijke afspraken en workflows voorkomen dus interpretatiefouten tussen ontwerp, prepress en productie.

 

De verborgen kost van slechte kleurcontrole

Wanneer color management ontbreekt, ontstaan problemen die vaak als normaal worden beschouwd in de sector:

  • meerdere proefprints
  • tijdverlies in productie
  • discussies met klanten
  • herdrukken
  • inconsistentie tussen verschillende producties

Deze kosten worden zelden gelinkt aan hun echte oorzaak. Toch merken bedrijven die investeren in color management vaak duidelijke verbeteringen. Wanneer color management goed is opgezet, verandert het productieproces merkbaar.

  • proefdrukken worden betrouwbaarder
  • correcties nemen af
  • producties verlopen efficiënter
  • klanten krijgen sneller vertrouwen in het resultaat
  • inconsistentie tussen verschillende producties neemt af

Voor veel grafische bedrijven betekent dat niet alleen betere kwaliteit, maar ook een efficiëntere workflow. Kleur wordt minder een bron van onzekerheid en meer een voorspelbaar onderdeel van het productieproces.

 

Voorspelbare kleur wordt steeds belangrijker

De grafische sector evolueert snel. Producties worden korter, oplages kleiner en toepassingen steeds diverser. Tegelijk verwachten klanten dat hun huisstijlkleuren consistent blijven, ongeacht het materiaal of de technologie. In zo’n omgeving wordt voorspelbaarheid cruciaal. De vraag is dus niet of color management belangrijk is. De echte vraag is hoeveel tijd, materiaal en frustratie een bedrijf verliest wanneer kleur niet onder controle is.

 

Bedrijven die investeren in een doordachte color management workflow, met gekalibreerde monitoren, meetapparatuur, normlicht en gespecialiseerde software, creëren een productieomgeving waarin kleur controleerbaar wordt. Niet omdat technologie alles automatisch oplost, maar omdat elke stap in het proces dezelfde taal spreekt. Precies daar ligt het verschil tussen een workflow die kleuren benadert en een workflow die kleuren controleert.

 

Color management zorgt ervoor dat een ontwerp niet alleen vandaag correct geprint wordt, maar ook morgen opnieuw hetzelfde resultaat kan opleveren, zelfs op andere machines.

 

De expertise achter color management

Hoewel technologie een belangrijke rol speelt in color management, is succesvolle implementatie zelden alleen een kwestie van software of apparatuur. Elke grafische workflow is anders. Printers, inkten, materialen, RIP-software en productieprocessen moeten zorgvuldig op elkaar worden afgestemd. Daarom vraagt color management niet alleen de juiste tools, maar ook diepgaande praktijkervaring.

 

Bij Lab9 Pro wordt die expertise ondersteund door een gespecialiseerde service engineer die zich volledig toelegt op grafische applicaties en color management.

 

Yann, Senior Service Engineer voor grafische applicaties en color management, begeleidt bedrijven bij het opzetten en optimaliseren van hun volledige kleurworkflow. Met meer dan vijftien jaar ervaring in de grafische sector heeft hij zich ontwikkeld tot een specialist in kleurreproductie en printworkflows. Zijn expertise strekt zich uit over het volledige productieproces, van grootformaat inkjet en RIP-workflows tot softproofing, contractproofing en offsetstandaardisatie volgens ISO 12647-2.

 

Color management stopt voor hem niet bij theorie. Het gaat over het optimaliseren van echte productieomgevingen waarin printers, software, materialen en workflows perfect op elkaar moeten afgestemd zijn.

 

Die brede kennis maakt het mogelijk om niet alleen problemen te analyseren, maar ook duurzame oplossingen te implementeren. Zijn expertise wordt ook in de sector erkend. Collega’s en partners omschrijven hem als iemand met een uitzonderlijk inzicht in kleurbeheer en printtechnologie, die complexe technische onderwerpen helder kan vertalen naar praktische oplossingen.

 

“Yann is één van de meest bekwame personen die ik ken als het gaat over kleurbeheer. Zijn praktijkervaring en probleemoplossend vermogen maken hem een echte referentie in de grafische industrie.”

 

Met deze expertise versterkt Lab9 Pro zijn positie als GMG-specialist in België en als partner voor grafische bedrijven die hun kleurworkflow professioneel willen opzetten. Want uiteindelijk draait color management niet alleen om technologie. Het draait om kennis, ervaring en het vermogen om die kennis te vertalen naar een werkende productieomgeving. Lab9 Pro helpt grafische bedrijven om hun volledige workflow op elkaar af te stemmen, zodat kleuren niet langer een bron van onzekerheid zijn maar een gecontroleerd onderdeel van het productieproces.

 

Wil je dat je kleuren eindelijk doen wat jij verwacht?

In onze opleiding Kleurbeheer in grafische applicaties: kleurconsistentie van scherm tot print leer je hoe je binnen Adobe Photoshop, InDesign en Illustrator een correcte kleurworkflow opzet en kleurverschillen tussen scherm en output minimaliseert.

 

Nood aan een diepgaandere aanpak binnen jouw productieomgeving?

Naast opleidingen biedt Lab9 Pro ook gespecialiseerde begeleiding en implementatie van color management workflows, afgestemd op jouw specifieke machines, materialen en processen. Benieuwd waar jouw grootste kleurverliezen zitten?

 

Neem contact op met onze specialisten voor een gerichte analyse of advies op maat.

 

© Astrid De Wielemaeker - Lab9 Pro